Civielrechtelijk geschil – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 7 januari 2021 te 15:37.Geschreven door fatima TRB-2020-4553-AD Algemeen directeur, 10 december 2020 TRB-2021-4553-HV Voorzitter van de Tuchtcommissie, 7 januari 2021 De melding houdt verband met een vordering van de bank uit hoofde van een hypothecaire lening, waarbij de woning van melder het onderpand vormt. De Algemeen directeur doet geen nader onderzoek naar de melding omdat de melding in de kern ziet op een zakelijk geschil met de bank. Het is daarnaast onvoldoende aannemelijk dat de bankmedewerker zich persoonlijk tuchtrechtelijk verwijtbaar zou hebben gedragen. De melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af. De melding gaat om een verschil van mening met de bank over financiële onderwerpen. Het gaat daarmee om een civielrechtelijke kwestie en het behoort niet tot de taak van de tuchtcommissie om deze geschilpunten te beoordelen. Van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen is niet gebleken. Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-202-4553-AD Download hier de uitspraak van de Voorzitter van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4453-HV
Gebruik vertrouwelijke informatie in procedure – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 30 oktober 2020 te 10:00.Geschreven door fatima TRB-2020-4493-AD; TRB-2020-4494-AD; TRB-2020-4496-AD; TRB-2020-4501-AD; TRB-2020-4503-AD; TRB-2020-4504-AD Algemeen directeur, 25 augustus 2020 TRB-2020-4493-HV; TRB-2020-4494-HV; TRB-2020-4496-HV; TRB-2020-4501-HV; TRB-2020-4503-HV; TRB-2020-4504-HV Voorzitter Tuchtcommissie, 30 oktober 2020 Volgens de melder hebben bankmedewerkers de geheimhouding van vertrouwelijke informatie geschonden. Zij zouden van die informatie hebben gebruikgemaakt in procedures die de melder heeft aangespannen. De Algemeen directeur stelt geen onderzoek in naar aanleiding van deze melding, omdat hij geen tuchtrechtelijk beletsel ziet waarom het gebruik van deze informatie in die procedures ontoelaatbaar zou zijn. De stukken zijn daarbij uitsluitend in het kader van een civielrechtelijke procedure gebruikt en daarmee alleen tussen partijen en de rechter gewisseld. Dat is niet hetzelfde als ‘op straat’ komen liggen, zoals melder stelt. De melder heeft een herzieningsverzoek ingediend tegen deze beslissing. Volgens de melder hebben de bankmedewerkers hun taken niet naar behoren uitgevoerd door er niet op toe te zien dat een van de bankmedewerkers de bankierseed zou afleggen. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af omdat dit verzoek betrekking heeft op een andere gedraging. Dat de Algemeen directeur daarop niet is ingegaan, kan daarom geen reden zijn de beslissing te herzien. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst erop dat een melder niet meerdere keren dezelfde melding kan doen. Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-2020-4493-AD e.v. Download hier de uitspraak van de Voorzitter van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4493-HV e.v.
Bankierseed niet afgelegd – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 24 september 2020 te 10:27.Geschreven door fatima TRB-2020-4482-AD Algemeen directeur 29 juli 2020 TRB-2020-4482-HV Voorzitter van de Tuchtcommissie, 24 september 2020 De melding houdt in dat een medewerker vertrouwelijke informatie heeft gedeeld met derden. De Algemeen directeur wijst de melding af omdat de medewerker geen bankierseed heeft afgelegd. Zijn gedragingen kunnen daarom niet aan het bancaire tuchtrecht worden getoetst. De melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af, omdat de voorzitter van de Tuchtcommissie het eens is met de beslissing van de Algemeen Directeur. De voorzitter voegt daaraan toe dat toetsing van de gedragingen van de medewerker er niet toe zou hebben geleid dat het herzieningsverzoek zou worden toegewezen. Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-2020-4482-AD Download hier de uitspraak van de voorzitter van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4482-HV
Raadplegen rekeninggegevens zonder zakelijke aanleiding-herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 8 september 2020 te 10:44.Geschreven door fatima TRB-2020-4443-HV Herzieningsbeslissing 8 september 2020 Vervolg op beslissing Algemeen Directeur 26 juni 2020 Melder heeft om herziening van de beslissing van de Algemeen Directeur verzocht. De voorzitter stelt vast dat de handelingen van beëdigde in strijd zijn met gedragsregels 1 en 4 en dat daarmee de bankierseed is geschonden. Desondanks wijst de voorzitter het herzieningsverzoek af. Deze beslissing steunt op het feit dat de raadplegingen lang geleden hebben plaatsgevonden, het geringe aantal raadplegingen en dat beëdigde al nadelige gevolgen heeft ondervonden. Een tuchtprocedure zou in deze geen doel meer dienen. Download hier de uitspraak van de Voorzitter van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4443-HV
Gebruik vertrouwelijke stukken in civiele procedure – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 6 september 2020 te 11:55.Geschreven door fatima TRB-2020-4506-AD Algemeen Directeur, 30 juli 2020 TRB-2020-4506-HV Herzieningsuitspraak, 6 september 2020 De melding houdt in dat een advocaat, werkzaam bij de bank, in een procedure bij de civiele rechter vertrouwelijke stukken heeft ingebracht. Volgens de melder heeft de bankmedewerker daardoor vertrouwelijke informatie niet geheimgehouden. De Algemeen Directeur doet geen nader onderzoek naar de melding omdat de bank zich in een procedure bij de civiele rechter vrij moet kunnen verweren door het inbrengen van stukken. Het is vervolgens aan de civiele rechter om te bepalen of en zo ja welke bewijswaarde wordt toegekend aan de ingebrachte stukken. Uit de melding volgt verder niet dat de bankmedewerker zelf op een onzorgvuldige en/of onveilige manier met vertrouwelijke informatie is omgegaan. De melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af. De voorzitter bespreekt de door de bankmedewerker in de civiele procedure ingebrachte stukken. Deze stukken zijn onderdeel van het geschil van de melder met de bank en mochten daarom worden ingebracht. De bankmedewerker heeft niet gehandeld in strijd met de gedragsregel dat zij vertrouwelijke informatie geheim moeten houden. De beslissing van de Algemeen Directeur vind je hier. De uitspraak van de Voorzitter van de Tuchtcommissie vind je hier.
Wijze van afwijzing kredietverstrekking bij onvoldoende bedrijfscontinuïteit – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 18 augustus 2020 te 16:22.Geschreven door fatima TRB-2020-4517-AD en TRB-2020-4518-AD Algemeen directeur, 23 juli 2020 TRB-2020-4517-HV en TRB-2020-4518-HV Herzieningsuitspraken, 18 augustus 2020 Melder heeft in het kader van een BMKB-C regeling een krediet aangevraagd. Deze aanvraag is afgewezen omdat er onvoldoende uitzicht is op bedrijfscontinuïteit. De bankmedewerkers hebben vervolgens onderzocht of er een (andere) mogelijkheid was voor kredietverstrekking aan de ondernemingen, waarbij de woning van melder als onderpand zou dienen. De melder meent dat dit in strijd zou zijn met de gedragsregels, omdat de bankmedewerkers melder er op die manier toe aanzetten haar woning in de waagschaal te stellen. De Algemeen directeur wijst de melding af. De bankmedewerkers hebben alle mogelijkheden voor kredietverstrekking grondig onderzocht, waarbij ook mogelijke zekerheden zijn betrokken. Daarmee hebben de bankmedewerkers geprobeerd tegemoet te komen aan de kredietaanvraag van melder. Er is niet gebleken dat de bankmedewerkers daarmee in strijd met het klantbelang hebben gehandeld, omdat slechts onderzocht werd óf het mogelijk was om aan melder een gepast krediet te kunnen aanbieden. Verder is onvoldoende komen vast te staan dat de bankmedewerkers bij de afwijzing van de kredietaanvraag een ongepaste toon zouden hebben aangeslagen. De melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af, omdat de voorzitter van de Tuchtcommissie het eens is met de beslissing van de Algemeen directeur en de redenen die hij daarvoor in zijn beslissing geeft. Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-2020-4517-AD en TRB-2020-4518-AD Download hier de uitspraak van de Voorzitter van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4517-HV en TRB-2020-4518-HV
Klachtafhandeling door bank – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 23 juni 2020 te 00:00.Geschreven door StuurluiDevelopment TRB-2020-4471-AD Algemeen directeur, 14 april 2020 TRB-2020-4471-HV Voorzitter Tuchtcommissie, 23 juni 2020 De melder heeft bij de bank een klacht ingediend over een bankmedewerker en was niet tevreden over de behandeling van zijn klacht. Een telefoongesprek tussen hem en de bankmedewerker ervoer de melder als onprettig. De melder dient hierop een melding in bij Tuchtrecht Banken. De Algemeen directeur oordeelt dat geen aanleiding bestaat de melding te onderzoeken. De melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af. Uit de melding blijkt dat de melder het niet eens is met de manier waarop de bank zijn klacht heeft behandeld. Dat is echter een beslissing van de bank. De inhoud van de melding is niet voldoende om een tuchtrechtelijk onderzoek naar de gedragingen van de bankmedewerker te rechtvaardigen. De manier waarop de melder het telefoongesprek heeft ervaren is daarvoor onvoldoende. Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-2020-4471-AD Download hier de herzieningsbeslissing: TRB-2020-4471-HV
Sluiten schikkingsovereenkomst met debiteur van gefailleerde onderneming – herzieningsverzoek toegewezen Gepost op 14 mei 2020 te 00:00.Geschreven door StuurluiDevelopment TRB-2020-4472-AD en TRB-2020-4473-AD Algemeen directeur, 8 april 2020 TRB-2020-4472-HV en TRB-2020-4473-HV Voorzitter Tuchtcommissie, 14 mei 2020 Beëdigde 1 (4472) en beëdigde 2 (4473) hebben namens de bank een schikkingsovereenkomst gesloten met de debiteur van een gefailleerde onderneming. De melding houdt in dat de bank – gelet op de rechtspraak van de Hoge Raad – als pandhouder daartoe niet bevoegd was. Melder is de curator van de gefailleerde onderneming. Hij verwijt beëdigde 1 en beëdigde 2 dat zij met de melder geen contact hebben opgenomen toen zij in strijd met de rechtspraak meenden deze schikkingsovereenkomst te kunnen aangaan. De Algemeen directeur heeft beide meldingen afgewezen. Volgens hem heeft melder een civielrechtelijk geschil met de bank en is voor de beoordeling daarvan in deze tuchtrechtelijke procedure geen plaats. Verder is de Algemeen directeur van oordeel dat de beslissing deze schikking te treffen een beslissing van de bank betreft en geen individuele gedraging van beëdigde 1 en beëdigde 2 is. Daarom valt hen geen persoonlijk tuchtrechtelijk verwijt te maken. Melder heeft om herziening van deze beslissingen verzocht. De voorzitter heeft het verzoek om herziening toegewezen. De voorzitter is van oordeel dat door de schikkingsovereenkomst aan te gaan zonder melder vooraf te informeren aanleiding is te onderzoeken of sprake is geweest van een zorgvuldige uitoefening van de functie en een zorgvuldige afweging van belangen door de bankmedewerkers. Verder dient onderzocht te worden waarom en hoe beëdigde 1 en beëdigde 2 tot het aangaan van de minnelijke schikking zijn gekomen. De voorzitter draagt de Algemeen directeur op onderzoek in te stellen en binnen vier maanden opnieuw te beslissen of hij een klacht voorlegt aan de Tuchtcommissie. Download hier de beslissingen van de Algemeen directeur: TRB-2020-4472-AD en TRB-2020-4473-AD Download hier de herzieningsbeslissingen: TRB-2020-4472-HV en TRB-2020-4473-HV Na de herzieningsuitspraken, heeft de Algemeen directeur in de zaak TRB-2020-4473 een nieuwe beslissing bekendgemaakt. Deze beslissing kan vind je via de volgende link TRB-2020-4473-AD-2. In de zaak TRB-2020-4472 heeft de Algemeen directeur een Klacht voorgelegd aan de Tuchtcommissie. De uitspraak van de Tuchtcommissie vind je via de volgende link TRB-2021-4472-TC.
Informeren over Geld Terug Service – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 18 april 2020 te 00:00.Geschreven door StuurluiDevelopment TRB-2020-4440-AD Algemeen directeur, 6 februari 2020 TRB-2020-4440-HV Voorzitter van de Tuchtcommissie, 18 april 2020 Volgens de melder heeft hij met zijn creditcard een concertkaartje gekocht dat vals zou zijn. De melder wil deze betaling annuleren. De bank heeft dit beroep op de ‘Geld Terug Service’ geweigerd. De bankmedewerker heeft een toelichting gegeven op deze beslissing. Volgens de melder zet de bankmedewerker hierbij aan tot het plegen van huisvredebreuk. De Algemeen directeur doet geen nader onderzoek naar de melding. Het conflict tussen de melder en de bank over de ‘Geld Terug Service’ betreft een civielrechtelijk conflict. Het tuchtrecht is niet de geëigende weg is om dat conflict te beslechten. Uit de melding volgt verder niet dat de bankmedewerker een persoonlijk tuchtrechtelijk verwijt te maken valt. De melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af. De bank beschrijft op welke manier de melder het geld kan terugvragen. Uit de informatie van de bank volgt niet dat de bank of de bankmedewerker de melder zou aanzetten tot huisvredebreuk. Het blijkt niet dat de bankmedewerker tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Download hier de beslissing van de Algemeen directeur van 6 februari 2020: TRB-2020-4440-AD Download hier de herzieningsbeslissing van 18 april 2020: TRB-202-4440-HV
Onvoldoende onderbouwing betrokkenheid fraude – herzieningsverzoek afgewezen Gepost op 25 maart 2020 te 00:00.Geschreven door StuurluiDevelopment TRB-2020-4459-AD Algemeen directeur, 4 maart 2020 De melding houdt in dat met gestolen paspoorten en vervalste handtekeningen op naam van melder hypotheken zouden zijn verstrekt. Volgens melder zou de betrokken bankmedewerker aan deze fraude hebben meegeholpen. De Algemeen directeur heeft de melding afgewezen, omdat uit de door de melder verstrekte stukken onvoldoende kan worden afgeleid dat de betrokken bankmedewerker persoonlijk betrokken is geweest bij de door de melder gestelde fraude. Melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af. De voorzitter is met de Algemeen directeur van oordeel dat uit de brieven en bijgevoegde documenten van melder niet blijkt dat de betrokken bankmedewerker betrokken is bij de frauduleuze gedragingen waarvan melding is gemaakt. Download hier de beslissing: TRB-2020-4459-AD Download hier de herzieningsbeslissing: TRB-2020-4459-HV