Delen vertrouwelijke klantgegevens met een derde

TRB-2020-4326-TC
Tuchtcommissie, 9 september 2020

Verweerder was verantwoordelijk voor de afwikkeling van (vereenvoudigd geduid) een debiteurendienst binnen de bank. Verweerder heeft gegevens van klanten voor wie de bank dat debiteurenbeheer afbouwde, gestuurd naar een bedrijf dat mogelijk dat debiteurenbeheer zou overnemen. Verder heeft verweerder meermalen vertrouwelijke klantinformatie naar zijn privé e-mailadres gestuurd. De Tuchtcommissie Banken oordeelt dat verweerder hiermee de gedragscode heeft geschonden. Dergelijke vertrouwelijke informatie die zich bij de bank bevindt, mag immers niet met derden worden gedeeld en dient binnen de beveiligde bankomgeving te blijven. De tuchtcommissie acht het onderdeel van de klacht dat ziet op belangenverstrengeling ongegrond, onder meer omdat de leidinggevende van verweerder ervan op de hoogte was dat hij klanten met dit bedrijf in contact zou brengen.

Bij de hoogte van de maatregel houdt de tuchtcommissie rekening met de omstandigheid dat de bank heeft nagelaten concreet en duidelijk vast te leggen wat verweerder in het kader van zijn vertrek bij de bank mocht doen bij het benaderen van klanten. Ook wordt rekening gehouden met de goede bedoelingen van verweerder. De Tuchtcommissie legt verweerder een berisping en een geldboete van € 250,- op.

De naam van verweerder is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de uitspraak van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4326-TC

Aanpassen bankafschrift ten behoeve van persoonlijke lening – beroepsverbod

TRB-2020-4422-TC
Tuchtcommissie, 29 juli 2020

Verweerder heeft zijn bankafschrift aangepast om in aanmerking te komen voor een persoonlijke lening. Hoewel verweerder dit afschrift in privétijd heeft aangepast, zijn voldoende raakvlakken met de bank en zijn functie als bankmedewerker om zijn gedragingen aan het bancaire tuchtrecht te toetsen. De Tuchtcommissie is van oordeel dat het vertrouwen van de samenleving in het bankwezen ernstig wordt geschaad door gedragingen als die van verweerder.

De Tuchtcommissie legt verweerder een beroepsverbod van vier maanden op.

De naam van verweerder is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Alleen de aangesloten banken hebben inzage in dit register.

Download hier de uitspraak van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4422-TC.

Raadplegen en misbruik maken van vertrouwelijke informatie

TRB-2020-4421-TC
Tuchtcommissie, 29 juli 2020

Verweerder heeft veelvuldig rekeninggegevens geraadpleegd zonder dat daartoe een zakelijke aanleiding bestond. Hij heeft de door hem geraadpleegde informatie misbruikt door op basis daarvan zijn broer en vader te adviseren op zakelijk gebied. Op deze wijze heeft hij direct en indirect vertrouwelijke informatie gelekt aan familieleden. Dit is niet integer en schaadt het vertrouwen dat de samenleving in de bank moet kunnen stellen. Verder schaadt het de eerlijke concurrentie tussen bedrijven. De Tuchtcommissie legt aan verweerder een beroepsverbod van twaalf maanden op.

De naam van verweerder is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de uitspraak van de Tuchtcommissie: TRB-2020-4421-TC

Stelen uit bedrijfsrestaurant

TRB-2020-4467
Algemeen Directeur, 21 april 2020

Beëdigde heeft meermalen in het bedrijfsrestaurant van de bank levensmiddelen niet afgerekend. De Algemeen directeur acht dit gedrag blijk geven van een schokkend gebrek aan respect voor de eigendom van anderen. Dit gedrag vormt een grove schending van de bankierseed. De Algemeen directeur heeft beëdigde een schikking in de vorm van een berisping voorgesteld. Hierbij heeft de Algemeen directeur meegewogen dat het dienstverband van beëdigde als gevolg van de feiten tot een einde is gekomen en dat de kans dat hij nogmaals bij een bank werkzaam zal zijn beperkt is. De beëdigde heeft het schikkingsvoorstel geaccepteerd. De naam van beëdigde wordt opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-2020-4467-AD

Namaken handtekening klant

TRB-2020-4377-TC
Tuchtcommissie 1 april 2020

Verweerster heeft zelf de handtekeningen van klanten onder twee formulieren geplaatst. De Tuchtcommissie oordeelt dat het namaken van de handtekening van een klant in alle gevallen een bijzonder ernstige schending van de gedragsregels is. De mate waarin het vertrouwen van de klant in het bankwezen wordt geschaad en de mate waarin het klantbelang is geschaad, maken dat niet kan worden volstaan met een andere maatregel dan een tijdelijk onvoorwaardelijk beroepsverbod. De Tuchtcommissie houdt rekening met de omstandigheden waaronder verweerster tot haar handelen is gekomen. De Tuchtcommissie legt verweerster een beroepsverbod op voor de duur van twee weken.

De naam van verweerster wordt, na onherroepelijk worden van de beslissing, opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de volledige uitspraak: Uitspraak TRB-2020-4377-TC

Vervalsen bankafschrift ten behoeve van een persoonlijke lening

TRB-2020-4355-TC
Tuchtcommissie, 4 maart 2020

Verweerder heeft zijn bankafschrift vervalst en heeft dit, tezamen met eveneens vervalste stukken van zijn partner, ingediend bij een kredietverstrekker om zodoende in aanmerking te kunnen komen voor een persoonlijke lening. Hoewel de gedragingen in de privésfeer hebben afgespeeld, zijn er naar het oordeel van de Tuchtcommissie voldoende raakvlakken met zijn werken bij de bank en de functie van verweerder als adviseur om de gedragingen aan het bancaire tuchtrecht te toetsen. Verweerder heeft kennis die hij in zijn functie heeft opgedaan gebruikt bij zijn gedragingen. De Tuchtcommissie is van oordeel dat het vertrouwen van de samenleving in het bankwezen ernstig wordt geschaad door gedragingen als die van verweerder. De Tuchtcommissie legt verweerder een beroepsverbod op voor de duur van vijf maanden.

De naam van verweerder wordt opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de volledige uitspraak: TRB-2020-4355-TC

Raadplegen rekeninggegevens zonder zakelijke aanleiding

TRB-2020-4357-TC
Tuchtcommissie 4 maart 2020

Verweerster heeft in een periode van vier maanden bij herhaling rekeninggegevens van klanten van de bank geraadpleegd zonder dat daartoe een zakelijke aanleiding bestond. Rekeninggegevens van klanten bevatten volgens de Tuchtcommissie uiterst privacygevoelige informatie. De Tuchtcommissie is van oordeel dat het zonder zakelijke aanleiding bekijken van gegevens een ernstige schending van de bankierseed is, omdat daardoor het vertrouwen van de samenleving in de bank fors wordt geschaad. De Tuchtcommissie legt verweerster een beroepsverbod op voor de duur van drie maanden.

De naam van verweerster wordt opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de volledige uitspraak: TRB-2020-4357-TC

Raadplegen rekeninggegevens zonder zakelijke aanleiding

TRB-2020-4358-TC
Tuchtcommissie, 4 maart 2020

Verweerster heeft in een periode van een half jaar bij herhaling rekeninggegevens van klanten van de bank geraadpleegd zonder dat daartoe een zakelijke aanleiding bestond. Rekeninggegevens van klanten bevatten volgens de Tuchtcommissie uiterst privacygevoelige informatie. De Tuchtcommissie is van oordeel dat het zonder zakelijke aanleiding bekijken van gegevens een ernstige schending van de bankierseed is, omdat daardoor het vertrouwen van de samenleving in de bank fors wordt geschaad. Gezien het stelselmatige karakter van het raadplegen, acht de Tuchtcommissie een beroepsverbod voor de duur van vijf maanden passend.

De naam van verweerster wordt opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de volledige uitspraak: TRB-2020-4358-TC

Boete voor leidinggevende handtekeningendossier

TRB-2020-3981-AD
Algemeen directeur, 3 maart 2020

De Algemeen directeur is ambtshalve een onderzoek gestart naar meerdere leidinggevenden in verband met mogelijke betrokkenheid bij het kopiëren van handtekeningen van klanten door bankmedewerkers. In de hieronder gepubliceerde beslissing is de zaak afgedaan met een schikking.

Beëdigde vervulde een leidinggevende functie binnen de bank en gaf leiding aan hypotheekadviseurs. Beëdigde wist dat door hypotheekadviseurs aan wie hij leiding gaf (ten minste in een aantal gevallen) handtekeningen van klanten werden gekopieerd bij slotverklaringen op hypotheekadviezen.

Door beëdigde werd deze werkwijze gedoogd, omdat het volgens hem in een zeldzaam geval bij futiliteiten te billijken was. De Algemeen directeur is van oordeel dat, juist omdat beëdigde een leidinggevende positie had, hij ervoor had moeten zorgen dat deze werkwijze niet werd getolereerd. Door de werkwijze te gedogen heeft beëdigde onzorgvuldig en niet integer gehandeld.

Beëdigde heeft verder het kopiëren van handtekeningen niet aan anderen gemeld. Ook dit is volgens de Algemeen directeur onzorgvuldig. De Algemeen directeur heeft een schikking, bestaande uit een geldboete van € 500,-, aan beëdigde voorgesteld. Dit voorstel is door beëdigde geaccepteerd.

De naam van de leidinggevende wordt voor een periode van tenminste 3 jaar opgenomen in het register van Stichting Tuchtrecht Banken, dat inzichtelijk is voor alle bij de stichting aangesloten banken.

Download hier de beslissing van de Algemeen directeur: TRB-2020-3981-AD

Belangenverstrengeling, verzwijgen bedrijfsactiviteiten, niet melden ontvangen giften

TRB-2019-3951-TC
Tuchtcommissie 18 december 2019

Verweerder heeft samen met een collega bij de bank bedrijven op naam van de echtgenote van verweerder en de echtgenote van zijn collega opgericht. Twee bedrijven op naam van verweerders echtgenote ontvingen bemiddelingskosten van een leverancier van de bank ter zake aan de bank geleverde pashouders en papieren tasjes, terwijl niet is gebleken welke diensten werden geleverd.

De Tuchtcommissie is van oordeel dat verweerder de plicht had om het bedrijf op naam van zijn echtgenote en de bedrijfsactiviteiten van dat bedrijf bij de bank te melden, nu die activiteiten (indirect) verband hielden met de bank. Deze plicht – die in de interne regels van de bank in het leven is geroepen om belangenverstrengeling te voorkomen – bestond reeds voordat verweerder de bankierseed had afgelegd en duurde daarna onverminderd voort.

Daarnaast onderhield verweerder vanuit zijn positie bij de bank contacten met andere leveranciers. Verweerder ontving van deze leveranciers giften en verweerder bracht vanuit het bedrijf van zijn echtgenote onherleidbare bemiddelingskosten in rekening bij deze leveranciers. De Tuchtcommissie stelt vast dat verweerder vanuit zijn positie bij de bank verschillende contacten is aangegaan waarin persoonlijke verrijking, al dan niet ten koste van de bank, een rol speelde. Verweerder had bij de bank de ontvangst van diverse giften moeten melden, alsmede kenbaar moeten maken dat hij namens de bank via een tussenpersoon artikelen bij het bedrijf van zijn vrouw bestelde. Verweerder bevond zich op een cruciale positie binnen de bank om dit soort handelingen jarenlang en herhaaldelijk te kunnen verrichten. Hij ging daarbij geraffineerd te werk en benutte meerdere bedrijven en tussenschakels.

De zaak is een voortzetting na een herzieningsverzoek door de melder (zie hier).

De Tuchtcommissie legt verweerder een beroepsverbod op voor de duur van achttien maanden.

De naam van verweerder is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Alleen de aangesloten banken kunnen dit register inzien.

Download hier de volledige uitspraak: TRB-2019-3951-TC