Veronachtzaming belangen bank

TRB-2021-3877-CB
Commissie van Beroep, 14 april 2021

Voortzetting van de uitspraak van de Tuchtcommissie van 29 juli 2020, waartegen verweerder beroep heeft ingesteld.

De Commissie van Beroep oordeelt dat verweerder met zijn gedragingen op diverse momenten en in verschillende opzichten de belangen van de bank heeft veronachtzaamd. Hij wist dat binnen de bank functionarissen waren die ervan uitgingen dat aan een bedrijf geen opdracht was verstrekt. Mede daarom had verweerder binnen de bank open kaart moeten spelen over wat hij in het dossier van dit bedrijf wist en deed. De Commissie van Beroep oordeelt dat verweerder gedragsregels 1, 2 en 4 heeft geschonden. Voor het overige acht de Commissie van Beroep de klacht ongegrond.

De Commissie van Beroep acht enerzijds de vastgestelde schending van de eisen van integriteit en zorgvuldigheid ernstig. Anderzijds houdt de Commissie van Beroep rekening met de omstandigheden dat niet is gebleken dat de bank rechtstreeks potentieel nadeel van verweerders handelwijze heeft ondervonden alsmede het tijdsverloop. Bij de Commissie van Beroep bestaat zodanige twijfel over de noodzaak van een tuchtrechtelijke sanctie dat zij daarvan afziet. Verweerder wordt geen maatregel opgelegd.

De uitspraak van de Commissie van Beroep vind je hier

De uitspraak van de Tuchtcommissie vind je hier

Delen vertrouwelijke klantgegevens met een derde

TRB-2020-4326-TC
Tuchtcommissie, 9 september 2020

Verweerder was verantwoordelijk voor de afwikkeling van (vereenvoudigd geduid) een debiteurendienst binnen de bank. Verweerder heeft gegevens van klanten voor wie de bank dat debiteurenbeheer afbouwde, gestuurd naar een bedrijf dat mogelijk dat debiteurenbeheer zou overnemen. Verder heeft verweerder meermalen vertrouwelijke klantinformatie naar zijn privé e-mailadres gestuurd. De Tuchtcommissie Banken oordeelt dat verweerder hiermee de gedragscode heeft geschonden. Dergelijke vertrouwelijke informatie die zich bij de bank bevindt, mag immers niet met derden worden gedeeld en dient binnen de beveiligde bankomgeving te blijven. De tuchtcommissie acht het onderdeel van de klacht dat ziet op belangenverstrengeling ongegrond, onder meer omdat de leidinggevende van verweerder ervan op de hoogte was dat hij klanten met dit bedrijf in contact zou brengen.

Bij de hoogte van de maatregel houdt de tuchtcommissie rekening met de omstandigheid dat de bank heeft nagelaten concreet en duidelijk vast te leggen wat verweerder in het kader van zijn vertrek bij de bank mocht doen bij het benaderen van klanten. Ook wordt rekening gehouden met de goede bedoelingen van verweerder. De Tuchtcommissie legt verweerder een berisping en een geldboete van € 250,- op.

De naam van verweerder is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Belangenverstrengeling – beroepsverbod

TRB-2020-3877-TC
Uitspraak Tuchtcommissie, 29 juli 2020

Verweerder was verantwoordelijk voor commerciële contracten van de bank. Hij heeft zich ingespannen een bedrijf tot leverancier van de bank te maken. Hij heeft daarbij ten opzichte van dit bedrijf onvoldoende professionele afstand gehouden, terwijl die afstand wel van hem mocht worden verwacht. De belangen van deze leverancier zijn zo verstrengeld geraakt met de uitoefening van de functie van verweerder dat van een integer handelend bankmedewerker geen sprake meer was.

De Tuchtcommissie legt verweerder een beroepsverbod van negen maanden op.
Verweerder heeft beroep aangetekend. De Commissie van Beroep heeft op 14 april 2021 de uitspraak van de Tuchtcommissie vernietigd.

Download hier de volledige uitspraak Uitspraak TC 3877

Download hier de volledige uitspraak van de Commissie van Beroep

Schending plicht melding maken bedrijf echtgenote

TRB-2020-4261-CB
Commissie van beroep 30 juni 2020

Voortzetting van de beslissing van de Tuchtcommissie van 18 december 2019, waartegen verweerder beroep heeft ingesteld.

De Commissie van Beroep oordeelt net als de Tuchtcommissie dat verweerder de bankierseed heeft overtreden door bij de bank geen melding te maken van het bedrijf van zijn echtgenote. De zakelijke betrokkenheid van (de onderneming van) verweerders echtgenote bij leveranties aan de bank levert voor verweerder onmiskenbaar, en op zijn minst genomen, de schijn van belangenverstrengeling op. Daarbij kan in het midden blijven of – en zo ja, in welke mate – verweerder persoonlijk profijt heeft gehad van die transacties. Verweerder is zich bewust geweest van de mogelijkheid van belangenverstrengeling.

Gelet op (i) de persoonlijke omstandigheden van verweerder, (ii) het feit dat tuchtrecht pas na aflegging van de eed kan worden toegepast en (iii) de suggestie in berichtgeving dat verweerder strafrechtelijk zou zijn vervolgd, acht de Commissie van Beroep een beroepsverbod voor verweerder onevenredig zwaar. De Commissie van Beroep legt aan verweerder een berisping op.

De naam van verweerder is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

 

Verzenden e-mails met vertrouwelijke klantgegevens

TRB-2020-4303-TC

Verweerder heeft vertrouwelijke klantgegevens naar zijn privé-mailadres gezonden. Met zijn handelen heeft verweerder de interne regels van de bank niet nageleefd en niet integer en onzorgvuldig gehandeld. De Tuchtcommissie is van oordeel dat het onaanvaardbaar is dat vertrouwelijke gegevens van klanten door een bankmedewerker buiten de bank worden gebracht en dan ook nog eens op een niet (voldoende) beveiligde wijze waardoor derden er kennis van kunnen nemen, dan wel deze gegevens zich kunnen toe-eigenen. De Tuchtcommissie legt verweerder een beroepsverbod voor de duur van zes maanden op.

De naam van verweerder wordt opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de volledige uitspraak: Uitspraak TRB-2020-4303-TC
opgemerkt wordt dat in de uitspraak (pdf) een onjuist zaaknummer wordt vermeld, het juiste zaaknummer is TRB-2020-4303-TC

Namaken handtekening klant

TRB-2020-4377-TC

Verweerster heeft zelf de handtekeningen van klanten onder twee formulieren geplaatst. De Tuchtcommissie oordeelt dat het namaken van de handtekening van een klant in alle gevallen een bijzonder ernstige schending van de gedragsregels is. De mate waarin het vertrouwen van de klant in het bankwezen wordt geschaad en de mate waarin het klantbelang is geschaad, maken dat niet kan worden volstaan met een andere maatregel dan een tijdelijk onvoorwaardelijk beroepsverbod. De Tuchtcommissie houdt rekening met de omstandigheden waaronder verweerster tot haar handelen is gekomen. De Tuchtcommissie legt verweerster een beroepsverbod op voor de duur van twee weken.

De naam van verweerster wordt, na onherroepelijk worden van de beslissing, opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Dit register is in te zien voor de aangesloten banken.

Download hier de volledige uitspraak: Uitspraak TRB-2020-4377-TC

Verzwijgen bedrijfsactiviteiten. (Schijn van) belangenverstrengeling

TRB-2019-4261-TC
Tuchtcommissie 18 december 2019

Verweerder was samen met een collega bij de bank betrokken bij de oprichting van bedrijven op naam van de echtgenote van verweerder en de echtgenote van zijn collega. Eén bedrijf op naam van verweerders echtgenote ontving bemiddelingskosten van een leverancier van de bank ter zake aan de bank geleverde pashouders en papieren tasjes, terwijl niet is gebleken welke diensten werden geleverd.

De zaak is een voortzetting na een herzieningsverzoek door de melder (zie hier).

De Tuchtcommissie is van oordeel dat verweerder de plicht had om het bedrijf op naam van zijn echtgenote en de bedrijfsactiviteiten van dat bedrijf bij de bank te melden, nu die activiteiten (indirect) verband hielden met de bank. Deze plicht – die in de interne regels van de bank in het leven is geroepen om belangenverstrengeling te voorkomen – bestond reeds voordat verweerder de bankierseed had afgelegd en duurde daarna onverminderd voort. De Tuchtcommissie legt verweerder een beroepsverbod op voor de duur van zes maanden.

Download hier de volledige uitspraak: Beslissing TC 4261
(in de uitspraak staat als zaaknummer 4291, dit had 4261 moeten zijn)

Verweerder heeft beroep aangetekend. De uitspraak in beroep vind je hier

Vertrouwelijke gegevens uploaden; berisping

TRB-2019-3868-CB 
Commissie van Beroep, 16 april 2019

Voortzetting van beslissing Tuchtcommissie van 19 december 2018.

Verweerder was in beroep gekomen van de beslissing van de Tuchtcommissie waarin aan hem aan hem een tijdelijk beroepsverbod was opgelegd.

De Commissie van Beroep oordeelt net als de Tuchtcommissie dat verweerder de bankierseed heeft overtreden door – kort samengevat – digitale informatie van de bank te uploaden naar zijn privé-omgeving. Dit levert misbruik van zijn functie op. Mede door zijn functie als Risk Manager wist verweerder en had hij moeten weten dat de informatie zeer gevoelig en vertrouwelijk was. De gedraging van verweerder valt hem zwaar aan te rekenen. Banken moeten erop kunnen vertrouwen dat hun medewerkers zich van dergelijk gedrag onthouden. De Commissie van Beroep acht gelet op diverse omstandigheden,  een beroepsverbod voor verweerder een te zware, disproportionele, sanctie. De Commissie van Beroep legt aan verweerder de maatregel van berisping op.

Download hier de volledige uitspraak: dossier TRB-2019-3868-CB.

Vertrouwelijke gegevens uploaden; beroepsverbod

TRB-2018-3868-TC
Tuchtcommissie, 19 december 2018

Verweerder  heeft (met behulp van WeTransfer en GoogleDocs) circa twee gigabyte aan bankgegevens, zonder toestemming van de bank, buiten de bank gebracht.

Namens de Algemeen Directeur is gesteld dat verweerder gevoelige en vertrouwelijk informatie buiten de bank heeft gebracht. Het betrof onder meer specifieke, concrete en belangrijke gegevens over de zakelijke risico’s van de bank.                                                                                                
Verweerder heeft aangevoerd dat hij geen kwade bedoelingen had en dat zijn handelen niet binnen de uitoefening van zijn functie als Risk Manager valt, zodat het niet onder het tuchtrecht valt.  
De Tuchtcommissie volgt dit standpunt van verweerder niet. Voor overtreding van de gedragscode is niet vereist dat het handelen heeft plaatsgevonden in de uitoefening van de functie. De gedragscode ziet op ‘de bankmedewerker’ en het handelen in die hoedanigheid. Verweerder beschikte uit hoofde van die hoedanigheid over de betreffende data waardoor zijn handelen met betrekking tot die data binnen het bereik van het tuchtrecht valt. De Tuchtcommissie is van oordeel dat verweerder misbruik heeft gemaakt van informatie van de bank waarover hij de beschikking had, door (een deel van) de gegevens te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor ze waren bestemd. Hierdoor heeft hij zijn eigen belang voor laten gaan boven het belang van de bank. De samenleving mag verwachten dat elke bankmedewerker integer met de informatie van de bank omgaat. Indien het deel van deze gegevens dat zag op de zakelijke risico’s van de bank in de openbaarheid zou zijn gekomen, dan zouden de gevolgen voor de bank en haar klanten zeer ernstig kunnen zijn geweest en zou aldus onrust in de samenleving omtrent de bank en de bancaire sector teweeg zijn gebracht. De Tuchtcommissie is van oordeel dat de bankierseed en de gedragscode door verweerder met voeten is getreden. De Tuchtcommissie legt aan verweerder een beroepsverbod van 12 maanden op.

De naam van verweerder wordt, bij onherroepelijk worden van de beslissing, opgenomen in het voor banken inzichtelijke register van Stichting Tuchtrecht Banken.

Download hier de beslissing van de Tuchtcommissie: dossier 3868 beslissing Tuchtcommissie

Tegen de beslissing werd beroep ingesteld, lees hier de beslissing in de beroepszaak.

Klantgegevens kopiëren en meenemen; beroepsverbod

TRB-2018-3866-TC
Tuchtcommissie, 19 december 2018 

Verweerder  heeft pensioengegevens van klanten van de bank gekopieerd op twee USB-sticks en meegenomen. Eén van deze USB-sticks is verweerder later binnen de bank kwijtgeraakt, waarna deze werd gevonden. Op deze USB-stick heeft verweerder ook een PowerPoint presentatie van de bank over pensioenen opgeslagen.

De Tuchtcommissie is van oordeel dat verweerder vertrouwelijke klantgegevens zonder toestemming buiten de bank heeft gebracht. Verweerder had daarbij als doel om de gegevens eventueel te gebruiken ten behoeve van zichzelf en zijn bedrijf. Verweerder heeft hierdoor misbruik gemaakt van informatie van de bank waarover hij beschikking had. De klacht hierover is gegrond. De Tuchtcommissie kan niet vaststellen dat het kopiëren en het delen van de PowerPoint presentatie in strijd is geweest met de gedragscode en verklaart de klacht hierover ongegrond. Ten aanzien van de vraag welke maatregel passend is overweegt de Tuchtcommissie onder meer dat verweerder het klantbelang ernstig tekort heeft gedaan en dat het een geluk te noemen is dat de USB-stick binnen de bank is verloren en niet op een plaats buiten de bank. Het ongeoorloofd buiten de bank brengen van klantgegevens acht de Tuchtcommissie een bijzonder ernstige schending van de gedragsregels. De Tuchtcommissie legt aan verweerder een beroepsverbod van 9 maanden op.

De naam van verweerder wordt, bij onherroepelijk worden van de beslissing, opgenomen in het voor banken inzichtelijke register van Stichting Tuchtrecht Banken.

Download hier de uitspraak: dossier 3866 uitspraak Tuchtcommissie