Bankmedewerkster deelde op haar socialmedia-account van Snapchat foto’s met informatie over bankklanten. De informatie bevatte naam en rekeninggegevens van de bankklant en door de bankmedewerkster toegevoegd commentaar.
Lees hieronder de samenvatting van de uitspraak van de Tuchtcommissie Banken, of klik op de link voor volledige uitspraak TRB-2026-5017-TC.
Voor de Tuchtcommissie Banken staat het vast dat de bankmedewerkster via haar Snapchat-account foto’s heeft geplaatst van (delen van) banksystemen en klantinformatie, afkomstig uit de systemen van de bank, en deze daarmee buiten de beveiligde bankomgeving heeft gebracht. Daarnaast heeft zij deze foto’s voorzien van persoonlijk commentaar met een denigrerende en beledigende strekking richting klanten van de bank.
Tot de geplaatste berichten behoorden onder meer foto’s van een transactieoverzicht en een rekeningafschrift van een klant. Bij deze foto’s heeft de bankmedewerkster begeleidende teksten geplaatst met een denigrerende en beledigende strekking richting klanten van de bank. Op deze foto’s waren de naam en het rekeningnummer van de betreffende klanten niet zichtbaar.
De tuchtcommissie betrekt in haar overwegingen dat de bankmedewerkster haar handelen aanvankelijk heeft ontkend dan wel gebagatelliseerd, vervolgens niet inhoudelijk heeft gereageerd op herhaalde oproepen van klager en er uiteindelijk voor heeft gekozen niet ter zitting te verschijnen. Aldus heeft zij zich niet open en toetsbaar heeft opgesteld.
De Tuchtcommissie geeft aan dat het plaatsen van foto’s van vertrouwelijke bankinformatie op sociale media op zichzelf onverenigbaar is met gedragsregel 1, 4, 5 en 6 van de Gedragscode Bancaire Sector. Dat de bankmedewerkster deze foto’s bovendien heeft voorzien van persoonlijk, laatdunkend en beledigend commentaar richting klanten, acht de tuchtcommissie extra laakbaar. Het belachelijk maken van klanten en het bespotten van hun persoonlijke financiële transacties is onder geen enkele omstandigheid aanvaardbaar, en in het bijzonder niet voor een bankmedewerkster die uit hoofde van haar functie beschikt over vertrouwelijke en gevoelige informatie.
Alles afwegende is de Tuchtcommissie Banken van oordeel dat sprake is van een ernstige schending van de bankierseed en van de aan die eed verbonden gedragsregels 1, 4, 5 en 6. Gelet op de aard en ernst van de gedragingen, de herhaling daarvan, het beledigende karakter van het geplaatste commentaar en het ontbreken van openheid en medewerking, acht de tuchtcommissie het opleggen van een beroepsverbod aangewezen.
De naam van bankmedewerkster is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Alleen de aangesloten banken kunnen het register raadplegen.
Let op: Deze samenvatting is een vereenvoudigde weergave van een officiële uitspraak of beslissing. De tekst is bedoeld om de belangrijkste punten begrijpelijk uit te leggen. Er kunnen geen rechten aan deze samenvatting worden ontleend. Alleen de officiële uitspraak is volledig en juridisch bindend.