Aankopen op bestelplatform van de bank voor eigen doeleinden

Deel deze pagina

Kern van de uitspraak

De bankmedewerker, werkzaam als gedetacheerde, heeft via het bestelplatform van de bank voor eigen gebruik goederen besteld met een waarde van ruim € 22.000, -. Als externe medewerker was hij niet gerechtigd gebruik te maken van het online bestelplatform. Daarbij is het platform niet bedoeld om artikelen te bestellen voor privégebruik. De bankmedewerker heeft onder andere cadeaubonnen besteld en deze vervolgens via een website ingewisseld voor geld.

Lees hieronder de samenvatting van de uitspraak van Tuchtcommissie Banken van 10 december 2025, of klik op de link voor volledige uitspraak TRB-2025-5099-TC.

Wat is het oordeel van de Tuchtcommissie Banken

De bankmedewerker heeft in het gesprek bij Tuchtrecht Banken verklaard dat hij toestemming had verkregen om bestellingen via het platform te doen en dat hij veronderstelde ook voor privégebruik goederen te mogen bestellen. Ter zitting bij de Tuchtcommissie Banken heeft hij dit wederom herhaald maar heeft hij ook verklaard dat hij inziet dat het bestellen voor privégebruik via het bestelplatform niet is toegestaan.

De Tuchtcommissie Banken stelt vast dat externe medewerkers op grond van de binnen de bank geldende regels geen gebruik mogen maken van het bestelplatform. Bovendien mag het platform (door interne medewerkers) niet gebruikt worden voor privédoeleinden en is het gebruik slechts toegestaan binnen de categorie die op de specifieke medewerker van toepassing is.

De Tuchtcommissie Banken is van oordeel dat het handelen van de bankmedewerker, waarbij hij zichzelf (en zijn familieleden) ten laste van de bank voor een aanzienlijk bedrag heeft verrijkt, als een ernstige schending van de bankierseed moet worden opgevat. De bankmedewerker heeft gedragsregel 1 en 4 van de aan de bankierseed verbonden Gedragscode geschonden.

Bij de vaststelling van de op te leggen maatregel betrekt de Tuchtcommissie Banken de vergelijkbare zaak met meldingsnummer 4890. In die zaak oordeelde de Tuchtcommissie Commissie dat een beroepsverbod voor de duur van twaalf maanden passend was.

In onderhavige zaak weegt de tuchtcommissie mee de hoogte van het bedrag waarmee de bankmedewerker zichzelf heeft verrijkt en de langdurige periode waarin dit heeft plaatsgevonden. De Tuchtcommissie Banken komt tot de conclusie dat deze aspecten rechtvaardigen dat een beroepsverbod van een langere duur aangewezen is. Als maatregel legt de Tuchtcommissie Banken een beroepsverbond van 15 maanden op.

De naam van bankmedewerker is opgenomen in het register van Tuchtrecht Banken. Alleen de aangesloten banken kunnen het register raadplegen.

Let op:
Deze samenvatting is een vereenvoudigde weergave van een officiële uitspraak of beslissing. De tekst is bedoeld om de belangrijkste punten begrijpelijk uit te leggen. Er kunnen geen rechten aan deze samenvatting worden ontleend. Alleen de officiële uitspraak is volledig en juridisch bindend.

Recente artikelen en vergelijkbare uitspraken

Voor een vergelijkbare zaak verwijst de Tuchtcommissie Banken in haar uitspraak naar de uitspraak van 24 december 2025, kenmerk TRB-2024-4890-TC.