Afwijzing melding wegens civielrechtelijk conflict terecht

12 december 2018
Herzieningsuitspraken

TRB-2018-4001. 

Herzieningsbeslissing

De melder stelt dat de bankmedewerker in strijd heeft gehandeld met de bankierseed en dat sprake is van smaad, doordat de bankmedewerker stelt dat de melder een document heeft vervalst.

De melder is in een civielrechtelijke procedure met de bank verwikkeld. De Algemeen Directeur oordeelt dat hij geen onderzoek doet naar civielrechtelijke conflicten. Uit de inhoud van de melding en de door melder verstrekte stukken volgt voorts niet dat dat de bankmedewerker zich in de uitoefening van haar beroep niet integer en onzorgvuldig heeft gedragen. De bankmedewerker heeft – in haar rol als juridisch vertegenwoordiger van de bank – een standpunt namens de bank ingenomen dat, binnen de context van de civielrechtelijke procedure, geen voldoende ernstig tuchtrechtelijk verwijt oplevert.

De melder heeft om herziening van de beslissing van de Algemeen Directeur verzocht. De voorzitter van de Tuchtcommissie heeft de beslissing van de Algemeen Directeur in stand gelaten en het herzieningsverzoek afgewezen. De voorzitter van de Tuchtcommissie merkt daarbij op dat procespartijen zich in een gerechtelijke procedure in beginsel vrij kunnen verweren door hun stellingen en argumenten aan de rechter voor te leggen.  Het voert, gelet op de aard van het bancaire tuchtrecht,  te ver om het waarheidsgehalte van uitlatingen gedaan door een of beide procespartijen in een civiele procedure,  te onderzoeken.

Download hier de afwijzing door de Algemeen Directeur: Dossier 4001 beslissing AD
Download hier de volledige herzieningsuitspraak: Dossier 4001 Herzieningsbeslissing