Handelwijze met betrekking tot brieven melder – geen tuchtrechtelijk verwijt

Deel deze pagina

TRB-2021-4520-HV
Voorzitter van de Tuchtcommissie, 11 april 2021

Voortzetting van de sepotbeslissing van de Algemeen Directeur van 10 maart 2021.

Melder heeft om herziening van deze beslissing verzocht.

De voorzitter van de Tuchtcommissie wijst het herzieningsverzoek af. De voorzitter oordeelt dat de verantwoordelijkheid om op brieven van melder te reageren volgens intern bankbeleid niet bij beëdigde lag. Hij kan daar dan ook niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk voor worden gehouden. Beëdigde heeft het nodige gedaan door de brieven aan de juiste afdeling te sturen. Voorts overweegt de voorzitter dat aan de melding een civielrechtelijk geschil ten grondslag ligt. Evenmin kan beëdigde worden verweten dat hij aan melder geen stukken ter inzage heeft gegeven. De voorzitter is het eens met de Algemeen Directeur dat niet is gebleken dat beëdigde tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

Download volledige uitspraak .PDF