Buiten de bank brengen van documenten Gepost op 8 juli 2026 te 14:50.Geschreven door olavwagenaar Kern van de uitspraak De bank heeft bij Tuchtrecht Banken een melding ingediend over het buiten de bank brengen van documenten met vertrouwelijke informatie, door een oud-medewerker van de bank. Het betreft een aantal documenten die hij eerst naar zijn privé e-mailadres heeft gestuurd en later naar zijn e-mailadres bij zijn nieuwe werkgever. Lees hieronder de samenvatting van de uitspraak van de Tuchtcommissie Banken van 30 april 2025, of klik op de link voor volledige uitspraak TRB-2025-4933-TC. Wat is het oordeel van de Tuchtcommissie Banken De bankmedewerker heeft erkend dat hij de vertrouwelijke informatie buiten de bank heeft gebracht. Hij heeft spijt betuigt en toegelicht waarom hij de e-mails heeft verstuurd. De Tuchtcommissie Banken overweegt dat het buiten de omgeving van de bank brengen van vertrouwelijke informatie door de bankmedewerker als een schending van de bankierseed moet worden opgevat. De bankmedewerker had moeten weten dat hij anders had moeten handelen. De bankmedewerker heeft de gedragsregel 1 (de bankmedewerker werkt integer en zorgvuldig) 4 (de bankmedewerker houdt zich aan de wet en andere regels die voor het werk bij de bank gelden) en 5 (de bankmedewerker houdt vertrouwelijke informatie geheim) geschonden. De Tuchtcommissie Banken besluit geen tuchtrechtelijke maatregel op te leggen, omdat de gedeelde informatie is ontleend aan openbare bronnen, waarmee de gevoeligheid van de buiten de omgeving van de bank gebrachte gegevens relatief beperkt is. Daarnaast, zo overweegt de tuchtcommissie, heeft de bankmedewerker reeds zware financiële consequenties ondervonden van zijn handelen en heeft hij ter zitting naar het oordeel van de tuchtcommissie oprecht spijt en berouw getoond. Ook het tijdsverloop weegt de tuchtcommissie in matigende zin mee. Let op: Deze samenvatting is een vereenvoudigde weergave van een officiële uitspraak of beslissing. De tekst is bedoeld om de belangrijkste punten begrijpelijk uit te leggen. Er kunnen geen rechten aan deze samenvatting worden ontleend. Alleen de officiële uitspraak is volledig en juridisch bindend.
Niet opzettelijk vertrouwelijke informatie over justitieel onderzoek delen met klant Gepost op 27 augustus 2024 te 14:38.Geschreven door olavwagenaar Niet opzettelijk vertrouwelijke informatie over justitieel onderzoek delen met klant Uitspraak Tuchtcommissie Banken, TRB-2023-4847-TC, 25 oktober 2023 Kern van de uitspraak De bankmedewerker heeft aan een klant, van wie hij accountmanager was, medegedeeld dat het ingestelde klantonderzoek van de bank voortgekomen is uit een justitieel (strafrechtelijk) onderzoek. Omdat het vertrouwelijke informatie betrof, had de bankmedewerker deze informatie niet mogen delen met de klant of anderen. Is er sprake van schending van de bankierseed? En zo ja, welke maatregel moet er dan worden opgelegd? Wat is het oordeel van de tuchtcommissie? De Tuchtcommissie is van oordeel dat de bankmedewerker handelde in strijd met regelgeving. Dit handelen van verweerder levert derhalve een schending van de aan de bankierseed verbonden gedragsregels 1, 4 en 5 op en dus is de tuchtklacht (op zich) gegrond. Bij het bepalen van de eventueel op te leggen maatregel overweegt de tuchtcommissie dat uit de context van de feiten is gebleken dat het hier een ‘slip of the tongue’ betreft en dat dit (onbedoelde, onhandige) handelen van verweerder in strijd is met de regelgeving en niet zorgvuldig en integer is geweest. Echter gezien de omstandigheden van het geval – waaronder dat verweerder geleidelijk in een (communicatief lastige) situatie is gekomen die uiteindelijk tot de eenmalige ‘slip of the tongue’ heeft geleid – ziet de tuchtcommissie in dit geval geen aanleiding om daarvoor aan verweerder een tuchtrechtelijke maatregel op te leggen. Bovenstaande is een samenvatting van de uitspraak. Lees de uitspraak als je alle achtergronden wilt weten. Komt het vaker voor dat een Klacht wel gegrond wordt verklaard en er geen maatregel wordt opgelegd? Als een Klacht gegrond is dan leidt dat meestal tot oplegging van een maatregel, maar dat is niet altijd het geval. Bijvoorbeeld als de tuchtcommissie vindt dat er verzachtende omstandigheden aanwezig zijn. Zoals ook in de uitspraak over de bankmedewerker die enkele malen de banksystemen gebruikte om klachten aan te maken voor kwesties waarbij zijn echtgenote partij was.