Bank moet informatie verstrekken ten behoeve van tuchtrechtelijk onderzoek

Deel deze pagina

Een bank kan niet zelf bepalen of de door de Algemeen Directeur van Tuchtrecht Banken opgevraagde informatie noodzakelijk is voor het onderzoek naar een mogelijke schending van de bankierseed.

De Algemeen Directeur heeft in 2018 vele meldingen over vermoedelijke schendingen van de bankierseed ontvangen. Om het onderzoek te kunnen starten, vraagt de Algemeen Directeur informatie op bij de bank. Op grond van het Tuchtreglement Bancaire Sector is de bank in principe verplicht alle informatie te verstrekken

Bank beroept zich op reglement

De bank weigerde in twee grote onderzoeken de informatie te verstrekken. Als reden in één van de onderzoeken wordt opgegeven dat op basis van eigen onderzoek aan een behoorlijk aantal medewerkers een arbeidsrechtelijke maatregel is opgelegd. En dat is aangetoond dat er geen sprake is van “tuchtrechtelijk relevante gedragingen van bankmedewerkers”. De bank zal daarom zelf geen melding maken van een mogelijke schending van de bankierseed. Ook is de bank van oordeel dat van haar in redelijkheid niet kan worden gevergd dat zij bepaalde inlichtingen of informatie verstrekt. Zoals voorgeschreven in het Tuchtreglement hebben de bank en de Algemeen Directeur hierover overleg gevoerd.

Bank geen uitvoerder van bancair tuchtrecht

Vanaf eind juli 2018 tot eind mei 2019 is er veelvuldig overleg geweest, echter zonder resultaat. Het Tuchtreglement bepaalt dat de weigering stukken te overleggen wordt gemotiveerd. Naar de mening van de Algemeen Directeur heeft de bank haar weigering niet gemotiveerd. Door daarentegen het standpunt in te nemen dat aan de betrokken medewerkers geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt en dáárom bepaalde informatie niet hoeft te worden verstrekt, gaat de bank op de stoel van de Algemeen Directeur zitten. Met een dergelijke houding miskent de bank de systematiek en het belang van een onafhankelijk tuchtrecht. De Algemeen Directeur besluit daarop een tuchtrechtelijk onderzoek te starten tegen de drie overlegpartners bij de bank. Immers zij verwoordden het standpunt van de bank en zijn in hun bijdrage aan de besluitvorming mogelijk onvoldoende kritisch geweest. Dat kan een overtreding van de gedragscode met zich meebrengen.

Zaak geseponeerd

Kort nadat de betrokken bankmedewerkers wisten dat vanwege het weigeren een tuchtrechtelijk onderzoek was gestart, besloot de bank alsnog de informatie te verstrekken. In het kader van het onderzoek zijn de medewerkers over de weigering gehoord. Na de afronding van het onderzoek besluit de Algemeen Directeur in dit geval, alles overwegende, geen klacht in te dienen bij de Tuchtcommissie Banken en de zaak te seponeren.

Tuchtrecht gebaat bij efficiënte werking en snelle doorlooptijden

De hele discussie over het al dan niet afgeven van tuchtrechtelijke informatie heeft er toe geleid dat vele meldingen uit 2018 pas in het najaar van 2019 opgepakt konden worden. De houding van de bank heeft niet bijgedragen aan de efficiënte werking van het tuchtrecht. Resultaat is dat de meldingen uit 2018 nog steeds niet zijn afgehandeld. Bij de melders heeft dit tot vragen geleid. Daarnaast verkeren de bankmedewerkers waartegen de meldingen zijn gericht nog steeds in onzekerheid over de afloop van de procedure.

Zelfregulering in bancaire sector

Het tuchtrecht is bedoeld om de kwaliteit van de beroepsuitoefening te bevorderen en te bewaken. Alle Nederlandse banken hebben zich verplicht medewerking te verlenen aan de uitvoering van het tuchtrecht. Bovendien blijkt die verplichting ook uit de toelichting op 3:17c Wet op het financieel toezicht. Dan kan het niet zo zijn dat banken zich onttrekken aan de werking van het tuchtrecht door te weigeren stukken te verstrekken of door zelfstandig te concluderen dat het tuchtrecht niet toepasselijk is. Dat zet de bijl aan de zelfregulering binnen de sector.

Aanpassing Tuchtreglement

Het bancair tuchtrecht gaat uit van zelfregulerend vermogen van de bankensector. Vanuit die gedachte schrijft het Tuchtreglement gezamenlijk overleg voor wanneer een bank gegronde redenen meent te hebben om informatie niet te verstrekken. De Algemeen Directeur stelt vast dat overleg niet het juiste instrument is om tot een gezamenlijke en werkbare oplossing te komen en dat daarmee het Tuchtreglement naar zijn mening in dit geval onvoldoende oplossing biedt. Dit is meegewogen bij deze specifieke sepotbeslissing. In het belang van een goed werkend tuchtrecht heeft de Algemeen Directeur het stichtingsbestuur van Tuchtrecht Banken intussen voorgesteld het Tuchtreglement op dit onderdeel aan te passen.

De sepotbeslissingen vind je hier.

Tags

#bankierseed
#tuchtreglement
tuchtrechtbanken