Rekeningen raadplegen in verband met overval, wegens strafrechtelijk onderzoek geen toegevoegde waarde in tuchtrecht

11 september 2018
Herzieningsuitspraken

TRB-2018-3883 en 3884. 

Herzieningsbeslissing

De bank heeft een melding ingediend over twee beëdigden die zonder zakelijke aanleiding bankrekeningen van klanten zouden hebben geraadpleegd en mogelijk betrokken zouden zijn bij het faciliteren van berovingen van klanten.

De Algemeen Directeur heeft besloten geen klacht voor te leggen aan de Tuchtcommissie. Daartoe heeft de Algemeen Directeur overwogen geen toegevoegde waarde te zien in een tuchtrechtelijke veroordeling nu tevens een  strafrechtelijk onderzoek loopt naar de gedragingen van de beëdigden. Daarnaast is door het strafrechtelijk onderzoek nader onderzoek door de directeur niet mogelijk.

De bank heeft om herziening van de beslissing van de Algemeen Directeur verzocht. De Voorzitter van de Tuchtcommissie laat de beslissing van de Algemeen Directeur in stand, verwijzend naar art. 2.2.4. van het Tuchtreglement Bancaire Sector. Het zwaarste accent ligt op de beoordeling van de strafbare feiten. Met een zelfstandige toetsing van het ongeoorloofd bekijken van bankrekeningen van klanten, wordt in geval van eventuele oplegging van een tuchtrechtelijke maatregel geen zelfstandig doel meer bereikt.

Download hier de beslissing van de Algemeen Directeur: Dossier 3883 beslissing AD
Download hier de herzieningsbeslissing: Dossier 3883 en 3884 herzieningsbeslissing