Termijnoverschrijding en geen schending gedragscode (uitspraak herzieningsverzoek)

9 maart 2016
Herzieningsuitspraken

Op 16 september 2015 heeft de Stichting Tuchtrecht Banken een melding ontvangen. Volgens de melder is de desbetreffende beëdigde niet open en eerlijk geweest in de communicatie rondom de executoriale verkoop van het huis van de melder. De melder dreigt hierdoor materieel en immaterieel gedupeerd te worden geeft de melder aan.

De melding is door de algemeen directeur van de Stichting Tuchtrecht Banken niet in behandeling genomen omdat de melding van overwegend civielrechtelijke aard is.  De gedragscode lijkt daarbij niet op dusdanige wijze in het geding dat sprake van een tuchtkwestie zou kunnen zijn.

De melder heeft op 10 december 2015 een verzoek om herziening ingediend bij de voorzitter van de Tuchtcommissie. De voorzitter geeft in zijn uitspraak van 18 december 2015 aan dat hij niet aan inhoudelijke behandeling van de melding toe komt, omdat het verzoek niet binnen 14 dagen na de beslissing van de algemeen directeur is ingediend. Deze termijn wordt genoemd in de beslissing van de algemeen directeur en vloeit voort uit artikel 2.1.3 van het Tuchtreglement Bancaire Sector.

Ten overvloede merkt de voorzitter op dat hij het oordeel van de algemeen directeur gelet op de verstrekte stukken begrijpelijk acht. Uit deze stukken blijkt dat de communicatie met de beëdigde stroef is verlopen, maar er blijkt niet van een handelen dat als een schending van de gedragscode en de daarbij behorende eed kan worden aangemerkt.