Bankmedewerkster is als lid van de ondernemingsraad aangewezen als insider, en heeft zonder de vereiste toestemming vanuit de bank tien aandelen van de bank gekocht. Nadat ze erop was gewezen dat dit niet is toegestaan, heeft ze de aandelen weer zonder de vereiste toestemming verkocht. De verkoop vond plaats in een gesloten periode (een periode waarin niet gehandeld mag worden). Lees hieronder de samenvatting van de beslissing van de Algemeen directeur van 22 mei 2026, of klik op de link voor volledige beslissing TRB-2026-5020-AD.
De bankmedewerkster heeft zowel bij de bank als bij Tuchtrecht Banken toegelicht dat ze wist dat ze als lid van de ondernemingsraad een insiderstatus heeft. Voor bankmedewerkers die als insider zijn aangewezen gelden strenge regels omtrent het handelen in (bank)aandelen. De bankmedewerkster heeft verklaard niet volledig op de hoogte te zijn van de inhoud van de regels. Ze had de aandelen van de bank gekocht puur omdat het haar leuk leek om wat aandelen van de bank te hebben. Naast deze aandelen had ze toen ook aandelen van andere bedrijven gekocht.
De Algemeen directeur heeft geen reden te twijfelen dat vanuit volstrekt onschuldige intenties is gehandeld. Echter de regelgeving met betrekking tot privé-aandelentransacties strekt ertoe om handel met voorkennis en belangenverstrengeling en óók iedere schijn daarvan tegen te gaan. De regeling privé-aandelentransacties strekt daarmee (rechtstreeks) tot bescherming van, kort gezegd, de integriteit van de financiële markten en het vertrouwen daarin en geldt derhalve als een key policy van de bank. Met de aan- en verkoop van de aandelen van de bank heeft de bankmedewerkster de interne regels van de bank geschonden en ook gedragsregel 1 en 4 van de aan de bankierseed verbonden Gedragscode.
De Algemeen directeur, geeft aan dat de schending van (de gedragsregels verbonden aan) de bankierseed (in beginsel) voldoende ernstig dat hij grond zou hebben om een tuchtklacht voor te leggen aan de Tuchtcommissie Banken. Daarbij wordt tevens betrokken dat het niet om een eenmalige schending gaat, maar in feite om een drietal schendingen. Gelet op alle omstandigheden besluit de Algemeen directeur echter de zaak zelf af te doen en heeft de bankmedewerkster een voorwaardelijke schikking aangeboden, bestaande uit een geldboete van € 250,-. De schikking is geaccepteerd.
Let op: Deze samenvatting is een vereenvoudigde weergave van een officiële uitspraak of beslissing. De tekst is bedoeld om de belangrijkste punten begrijpelijk uit te leggen. Er kunnen geen rechten aan deze samenvatting worden ontleend. Alleen de officiële uitspraak is volledig en juridisch bindend.